Naar inhoud springen

slime

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
slime slimes

slime

  1. (geologie)  modder zn , vochtige aarde of klei
  2. (waterbeheer) slik, zachte klei
  3. (waterbeheer)  slib zn 
  4.  slijm zn , slijmerige substantie, zwadder
  5. (scheldwoord) gluiperd, slijmbal
  6. (verouderd), (materiaalkunde) asfalt
vervoeging
onbepaalde wijs to  slime 
he/she/it  slimes 
verleden tijd  slimed 
voltooid
deelwoord
 slimed 
onvoltooid
deelwoord
 sliming 
gebiedende wijs  slime 

slime

  1. overgankelijk bekleden/bedekken met slijm of een slijmachtige substantie
  2. onovergankelijk zich gedragen en/of bewegen als iets slijmerigs
  3. overgankelijk besmeuren
  4. overgankelijk belasteren
  5. overgankelijk vermoorden