Naar inhoud springen

skibock

Uit WikiWoordenboek
Een skibock met ingebouwde schokbrekers.
  • ski·bock
m enkelvoud meervoud
naamwoord skibock skibocks
verkleinwoord - -

deskibockm

  1. (sport) brede ski met daarop een zitting, die als een soort slee wordt gebruikt om besneeuwde hellingen af te dalen
     De skibock is een carveski met een klein zitje waarmee u met ruime bochten de ski piste afkomt.[1]
o enkelvoud meervoud
naamwoord skibock -
verkleinwoord - -

hetskibocko

  1. geen meervoud (sport) afdaling van besneeuwde hellingen met een slee in de vorm van een brede ski met een zitting
    • Het skibock vormt een nieuw onderdeel van de wintersportvakantie. 
  1. Bronlink geraadpleegd op 22 februari 2025 Weblink bron Gearchiveerde versie “Skibocken” (10 januari 2024) op bedrijfsuitjewinterberg.nl