shaka
Uiterlijk

- sha·ka
- herkomst onduidelijk
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | shaka | shaka's |
| verkleinwoord |
- Hawaïaans handgebaar met een diepe culturele betekenis van vriendschap en een ontspannen gevoel, veel gebruikt door surfers
- ▸ Een van de jochies uit Hoogenstrijds klas zoeft voorbij op zijn board. Op de buik, met zijn armen uitgestrekt. Na een paar tellen valt hij in het water. „Meester Niels, ik deed een vliegtuig!” roept hij. Hoogenstrijd geeft hem een shaka, het Hawaïaanse gebaar waarbij duim en pink worden gestrekt. Goede ride, betekent dat. Trots herhaalt het jongetje het gebaar.[1]
- Het woord 'shaka' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Weblink bron Philippus Zandstra“Helaas kan iedereen surfen” (21 juli 2017) op nrc.nl