sextakkoord

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sext·ak·koord
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sextakkoord sextakkoorden
verkleinwoord sextakkoordje sextakkoordjes

Zelfstandig naamwoord

sextakkoord o

  1. (muziek) één van de twee omkeringen van een drieklank (prime, terts, kwint.) Bij de eerste omkering van het akkoord onstaan de intervallen: prime, terts en sext, en bij nogmaals omkeren: prime, kwart en sext
    • Gewoonlijk bedoelt men met het sextakkoord de eerste omkering van een drieklank. 
  2. (muziek) een vierklank bestaande uit de intervallen: prime, terts, kwint en een sext, dus een drieklank plus een sext
    • In de populaire muziek bedoelt men met het sextakkoord de vierklank. 
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie