setwinst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • set·winst
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord setwinst setwinsten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

setwinst v

  1. (sport) het verslaan van de tegenstander in één ronde van een wedstrijd
    • De Nederlandse volleybalsters zijn uitgeschakeld in de finaleronde van de prestigieuze Nations League. Oranje was kansloos tegen het sterke Brazilië: 25-16, 25-17 en 25-23. De volleybalsters verloren de eerste poulewedstrijd tegen olympisch kampioen China. Nederland moest daarom winnen van Brazilië om zich bij de laatste vier te scharen van de finaleronde van de Nations League, de opvolger van de World Grand Prix. Oranje won slechts een enkele keer van tweevoudig olympisch kampioen Brazilië. Vooral aanvallend waren de Braziliaanse vrouwen oppermachtig. In de derde set kwam Oranje nog wel terug van een ruime achterstand en was de ploeg dicht bij setwinst. [1] 
    • Ook in de derde set gaven de mannen elkaar weinig toe, Meeuwisse kreeg zelfs twee pijlen op setwinst, maar met een fraaie 107-finish trok O’Connor ook deze set met 3-2 naar zich toe. [2] 
    • Ze zag de dubbele break voorsprong worden gehalveerd, kwam bij 5-3 ook even onder druk te staan, maar serveerde zich prima naar de setwinst. [3] 

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.

Verwijzingen