Naar inhoud springen

servitude

Uit WikiWoordenboek
  • ser·vi·tu·de
enkelvoud meervoud
naamwoord servitude servitudes
verkleinwoord - -

deservitudev

  1. (juridisch) verplichting, waarmede een onroerende zaak - het dienend of lijdend erf - ten behoeve van een andere onroerende zaak - het heersend erf - is bezwaard
     Naar aanleiding van een openbaar onderzoek werd in een stedenbouwkundige vergunning opgenomen dat de eigenaars de toegang tot de doorgang moesten behouden. Deze servitude heeft bijgevolg geen openbaar karakter en situeert zich volledig op privé eigendom.[1]
  2. (figuurlijk) voortdurende verplichting of onderschikking aan een ander
     De Vlaamsche literatuur heeft de fnuikende machten getrotseerd, heeft de vreemde servitude afgewenteld, die op haar rustte.[2]
  • Het woord 'servitude' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
  • frequentie in teksten in het Nederlands uit België, op een 7-puntsschaal: [3]
        1
  • frequentie in teksten uit België, vergeleken met die in Nederland, op een 7-puntsschaal: [3]
        2
  1. Het Nieuwsblad in:
    Ludo Permentier & Rik Schutz
    Typisch Vlaams. 4000 woorden en uitdrukkingen (2015), Davidsfonds, Leuven, ISBN 9789059086517, servitude
  2. Bronlink geraadpleegd op 30 oktober 2025 Weblink bron Tijdschriftenschouw : Cyriel Buysse in: Den Gulden Winckel., jrg. 28 nr. 12 (20 december 1929), A.J.G. Strengholt en Allert de Lange, Amsterdam, p. 355
  3. 1 2
    Ludo Permentier & Rik Schutz
    “Typisch Vlaams. 4000 woorden en uitdrukkingen” (2015), Davidsfonds, Leuven, ISBN 9789059086517, servitude