seizoensarbeider
Uiterlijk
- Geluid: seizoensarbeider (hulp, bestand)
- IPA: / sɛiˈzunsɑrbɛidər / (5 lettergrepen)
- sei·zoens·ar·bei·der
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | seizoensarbeider | seizoensarbeiders |
| verkleinwoord | - | - |
de seizoensarbeider m
- (beroep) arbeider in een seizoenbedrijf
- Het woord seizoensarbeider staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 16
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Invoegsel -s- in het Nederlands
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal