seisde
Uiterlijk
- seis·de
| vervoeging van |
|---|
| seizen |
seisde
- enkelvoud verleden tijd van seizen
- Ik seisde.
- Jij seisde.
- Hij, zij, het seisde.
- Ik seisde.
- Het woord seisde staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
| vervoeging van |
|---|
| seizen |
seisde