schuimbekken
Uiterlijk
- Geluid: schuimbekken (hulp, bestand)
- IPA: / ˈsxœymbɛkə(n) / (3 lettergrepen)
- schuim·bek·ken
- In de betekenis van ‘schuim op de mond vormen’ voor het eerst aangetroffen in 1618 [1]
- Samenstellende afleiding van de stam van schuimen en bek met het achtervoegsel -en
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| schuimbekken |
schuimbekte |
geschuimbekt |
| zwak -t | volledig | |
schuimbekken
- inergatief zo woedend zijn dat het schuim om de mond staat
- Er werd geschuimbekt en getierd, maar het maakte allemaal niets uit.
- Het woord schuimbekken staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "schuimbekken" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ "schuimbekken" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Achtervoegsel -en in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-t) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Niet-samengesteld werkwoord in het Nederlands
- Inergatief werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %