schuifaf

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schuif·af
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schuifaf schuifaffen
schuifafs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

schuifaf m

  1. glijbaan

Gangbaarheid

24 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie