schrikachtigers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schrik·ach·ti·gers

Bijvoeglijk naamwoord

schrikachtigers

  1. partitief van de vergrotende trap van schrikachtig
    • Dat is iets schrikachtigers...