schreiwe

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • schrei·we
vervoeging
tegenwoordige tijd, aantonende wijs, bedrijvende vorm
onbepaalde
wijs
schreiwe
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
gschriwwe
enkelvoud meervoud
1e persoon ich schreib [1] mir schreiwe
2e persoon du schreibscht [1] dihr / der
dihr / der
ihr / er
ihr / er
nihr / ner
schreibt [1]
schreiwe
schreiwe
schreibt [1]
schreiwe
3e persoon er schreibt [1] sie schreiwe
sie schreibt [1]
es schreibt [1]

Werkwoord

schreiwe

  1. (letterkunde) schrijven
    «Ich hab gsaat as ich Deitsch schwetze un schreiwe kann.»
    Ik heb gezegd dat ik Pennsylvania-Duits spreken en schrijven kan.
Afgeleide begrippen
Opmerkingen

Werkwoord

schreiwe

  1. eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van schreiwe
Opmerkingen

Werkwoord

schreiwe

  1. tweede persoon meervoud tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van schreiwe
Schrijfwijzen
Opmerkingen

schreiwe

  1. derde persoon meervoud tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van schreiwe
Opmerkingen

Verwijzingen

  1. 1,0 1,1 1,2 1,3 1,4 Als de woordstam op een [w] eindigt verandert de letter [w] naar [b] behalve de uitgang is [e].