schraperig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schra·pe·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen schraperig schraperiger schraperigst
verbogen schraperige schraperigere schraperigste
partitief schraperigs schraperigers -

Bijvoeglijk naamwoord

schraperig

  1. te zuinig
    • De schraperige man gebruikte de flessenlikker om ook de laatste druppel yoghurt uit het pak te kunnen halen. 
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.