schoolverzuim

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • school·ver·zuim
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schoolverzuim
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

schoolverzuim o [1]

  1. het zich aan de leerplicht onttrekken zonder geldige reden
    • Bom en Wiebenga geven groepstherapie aan ouders. Onder hun begeleiding maken de ouders een plan. Stap één is: protest aantekenen. Letterlijk. In een brief (de ‘aankondiging’) schrijven ze hun kind welk gedrag ze niet meer accepteren. Niet meteen een waslijst, alleen de twee of drie grootste klachten of problemen. Susanne en Chris schreven hun zoon dat ze zijn langdurig schoolverzuim niet langer tolereerden. [2] 
    • Leerplichtambtenaren en hulpverleners gaan eerder ingrijpen als een leerling veel lessen mist. Door preventieve maatregelen hopen ze dat het schoolverzuim en het aantal thuiszitters afneemt. [3] 
  2. niet naar school gaan terwijl dat wel afgesproken is
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Standaard MAANDAG 23 OKTOBER 2017
  3. Volkskrant Rik Kuiper 6 oktober 2017