schoensmeer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schoen·smeer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schoensmeer schoensmeren
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

schoensmeer m / o

  1. smeersel om leer glanzend en soepel te houden en de kale plekken op te kleuren
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie