schifting

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schif·ting
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schifting schiftingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

schifting v [1]

  1. het selecteren van zaken en personen op basis van hun eigenschappen
    • Uit alle aanmeldingen wordt op basis van prestaties en professionaliteit doorlopend een schifting gemaakt. Zo blijven niet alleen de beste spelers over, maar ook de spelers die beseffen dat ‘leuk gamen’ daadwerkelijk ‘werken’ wordt.[2] 
    • Bertens bereikte maandag de tweede ronde in Melbourne door de Amerikaanse Catherine Bellis in drie sets te verslaan: 6-7 (5) 6-4 6-2. De pupil van coach Raemon Sluiter, als dertigste geplaatst, evenaarde daarmee haar prestatie uit 2015 toen ze ook de eerste schifting overleefde.[3] 
    • Justin Pipe beleefde in de tweede ronde van het WK darts een zware avond. Het publiek in Alexandra Palace keerde zich vanaf de eerste pijl volledig tegen hem. De Britse speler kreeg na zijn winst in de eerste schifting al veel bagger over zich heen. Precies op het moment dat zijn tegenstander Bernie Smith aanlegde voor zijn wedstrijdpijlen moest Pipe - zichtbaar voor de camera's - hoesten.[4] 
  2. het zuur worden en klonteren van melk
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[5]

Verwijzingen