schatkamer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schat·ka·mer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schatkamer schatkamers
verkleinwoord schatkamertje schatkamertjes

Zelfstandig naamwoord

schatkamer v/m

  1. een kamer waar een schat wordt bewaard
    • De koning aanschouwde zijn schatten in zijn schatkamer. 
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie