schatkamer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schat·ka·mer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schatkamer schatkamers
verkleinwoord schatkamertje schatkamertjes

Zelfstandig naamwoord

schatkamer v/m

  1. een kamer waar een schat wordt bewaard
    • De koning aanschouwde zijn schatten in zijn schatkamer. 
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be