schakelklok
Uiterlijk
- Geluid: schakelklok (hulp, bestand)
- scha·kel·klok
- samenstelling van schakel ww en klok
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | schakelklok | schakelklokken |
| verkleinwoord | schakelklokje | schakelklokjes |
- (elektrotechniek) een schakelaar die om een bepaald tijdstip automatisch de schakeling omzet
- Toen we op vakantie waren gebruikten we een schakelklok om 's avonds te laten lijken alsof we thuis waren.
- Het woord schakelklok staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.