Naar inhoud springen

sauve

Uit WikiWoordenboek

sauve

  1. vrouwelijk enkelvoud van sauf
vervoeging van
sauver

sauve

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van sauver
  2. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van sauver
  3. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van sauver