samovar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·mo·var

Zelfstandig naamwoord

samovar

  1. verouderde spelling of vorm van samowar van vóór 1996
     Maar het mooiste is beneden: de boerenkroeg-annex-winkeltje, met een houten bar en een samovar en verschillende grutterswaren.[1]
Schrijfwijzen

Gangbaarheid

36 % van de Nederlanders;
28 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 12 mei 2020 Weblink bron Laura Starink “De Russische Eastern” (11 augustus 1990) op nrc.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be