samenzwering

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·men·zwe·ring
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord samenzwering samenzweringen
verkleinwoord samenzwerinkje samenzwerinkjes

Zelfstandig naamwoord

samenzwering v

  1. een geheime poging een onwettelijke daad te organiseren
    • Er was een samenzwering om de president te vermoorden. 
    • De commissie-Warren concludeerde dat Oswald het in zijn eentje had gedaan. Aanvankelijk overtuigde dat een meerderheid van de Amerikaanse bevolking, maar dat duurde niet lang. De lawine van waanzin die de moord ontketende, heeft tot gevolg gehad dat een ruime meerderheid van de Amerikaanse bevolking zeker meent te weten dat Kennedy het slachtoffer is geworden van een reusachtige samenzwering, wellicht de grootste en meest complexe uit de menselijke geschiedenis, en dat al het bewijsmateriaal op geniale wijze is vervalst. [1] 


Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen