safaripark
Uiterlijk
- Geluid: safaripark (hulp, bestand)
- IPA: / sa'faripɑrk / (4 lettergrepen)
- sa·fa·ri·park
- samenstelling van safari zn en park zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | safaripark | safariparken |
| verkleinwoord | safariparkje | safariparkjes |
het safaripark o
- commerciële attractie in de stijl van een dierentuin, waar bezoekers doorgaans met een voertuig (eigen auto of parkvoertuig) door een omheind gebied rijden om vrij rondlopende wilde dieren te observeren
- Het woord safaripark staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.