sacherijnig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·che·rij·nig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen sacherijnig sacherijniger sacherijnigst
verbogen sacherijnige sacherijnigere sacherijnigste
partitief sacherijnigs sacherijnigers -

Bijvoeglijk naamwoord

sacherijnig

  1. (informeel) somber en geërgerd
    • Haar vader riep "Kijk toch niet zo sacherijnig!" toen hij zag hoe ze in een hoekje met een ontevreden blik zat te chagrijnen. 
Synoniemen

Gangbaarheid

44 % van de Nederlanders;
48 % van de Vlamingen.