sacharose

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·cha·ro·se
enkelvoud meervoud
naamwoord sacharose sacharosen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

sacharose m/v

  1. (scheikunde), (voeding) een disacharide, bestaande uit een glucose-eenheid en een fructose-eenheid (vruchtensuiker).
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

75 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.

Meer informatie