söndagarna

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • sön·da·gar·na
Naar frequentie 23989

Zelfstandig naamwoord

söndagarna

  1. nominatief bepaald gemeenschappelijk geslacht meervoud van söndag
    «Söndagarna är absolut min tråkigaste dag.»
    Zondagen zijn zeker mijn meest saaie dagen.