ruitjespapier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ruit·jes·pa·pier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ruitjespapier
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

ruitjespapier o

  1. papier waarop vierkante vakjes in een rasterpatroon zijn afgedrukt, vaak met het formaat van de hokjes van 5 bij 5 millimeter of een centimeter bij een centimeter

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be