rugwaarts

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rug·waarts
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen rugwaarts
verbogen rugwaartse
partitief rugwaarts

Bijvoeglijk naamwoord

rugwaarts

  1. terug, achteruit

Bijwoord

rugwaarts

  1. terug, achteruit

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.