rotding

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rot·ding
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord rotding rotdingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

rotding o

  1. vervelend apparaat dat kapot gaat of niet doet wat je wilt dat het doet
    • Printers zijn rotdingen ze gaan altijd kapot, raken verstopt door gekreuleld papier of printen gewoon niet wat je wilt dat ze afdrukken, maar de oplossing is heel simpel: niet printen!. 
    • Net nu ik mijn auto wil gebruiken doet hij het niet dat rotding! 
Synoniemen
  1. kreng, nagel aan mijn doodskist, kloteding

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.