roomservice

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • room·ser·vice
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord roomservice -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

roomservice m

  1. dienstverlening in hotels voor het verzorgen van eten en drinken op de kamer
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.