roggelelie
Uiterlijk

- Geluid: roggelelie (hulp, bestand)
- IPA: / ˈrɔɣəˌleli / (4 lettergrepen)
- rog·ge·le·lie
- samenstelling van rogge zn en lelie zn , een soort lelie die in roggevelden groeit
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | roggelelie | roggelelies (roggeleliën) |
| verkleinwoord | - | - |
- (bloemplanten) zeldzame plantensoort Lilium bulbiferum subsp. croceum
met oranje bloemen
- De wilde roggelelie, ofwel oranjelelie voelt zich namelijk alleen thuis in oppervlakkig geploegde akkers waar jaren achtereen rogge staat. [1]
- Het woord 'roggelelie' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- [1] roggelelie in het Nederlands Soortenregister N
- [1] roggelelie op Wikidata

- [1] roggelelie op "Wilde planten in Nederland en België" ♣
- ↑ Heer, K. de"Bijzondere bollen in een roggeakker" in: Nederlands Dagblad jrg. 46 nr. 11436 (26 maart 1990); p. 10 kol. 1; geraadpleegd 2017-10-17
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Bloemplanten in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal