rof

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Afrikaans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
stellend attributief vergrotend overtreffend
rof rowwe rowwer rofst

Bijvoeglijk naamwoord

rof

  1. ruw, onbewerkt
    «'n Muur van rowwe stene.»
    Een muur van ruwe stenen.
  2. onbeschaafd, grof, ruw
    «Weens rowwe spel gestraf word.»
    Wegens ruw spel gesraft worden.