robotvoetbal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ro·bot·voet·bal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord robotvoetbal -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

robotvoetbal

  1. (voetbal), (elektrotechniek) sport waarbij de deelnemers robots besturen die voetballen
    • Nederland werd in 2012 wereldkampioen robotvoetbal. 

Gangbaarheid