rillerig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ril·le·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen rillerig rilleriger rillerigst
verbogen rillerige rillerigere rillerigste
partitief rillerigs rillerigers -

Bijvoeglijk naamwoord

rillerig

  1. als je je wat koortsig voelt zodat je de neiging hebt om te rillen
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
85 % van de Vlamingen.