Naar inhoud springen

ribben

Uit WikiWoordenboek
  • rib·ben

deribbenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord rib
     Hij had meerdere ribben gebroken en had maanden moeten revalideren.[1]
     Het bonst tegen zijn ribben terwijl hij filmt.[2]
     Ze voelt een knagende pijn tussen haar ribben als ze bedenkt dat Thea misschien is weggegaan vanwege háár, en niet vanwege Walter Riebeeck.[3]

deribbenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord ribbe
99 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[4]
  1. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Samantha Harvey
    “In Orbit” (2024), De Bezige Bij op Wikipedia, ISBN 9789403135625
  3. Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de Herengracht” (2022), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024586332
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
  • rib·ben
  • Samenstelling van de Noorse zelfstandige naamwoorden ribbe en ben.
Naar frequentie 25028

ribben, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van ribbe
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   ribben     ribbenet     ribben     ribbena
ribbenene  
genitief   ribbens     ribbenets     ribbens     ribbenas
ribbenenes  

ribben, o

  1. (anatomie) rib
  • knekke et ribben
een rib breken
  • være så mager at en kan telle ribbena
zo dun zijn dat je de ribben kan tellen