ribben

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rib·ben

Zelfstandig naamwoord

ribben mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord rib
  2. meervoud van het zelfstandig naamwoord ribbe
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • rib·ben
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van de Noorse zelfstandige naamwoorden ribbe en ben.
Naar frequentie 25028

Zelfstandig naamwoord

ribben, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van ribbe
Schrijfwijzen
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   ribben     ribbenet     ribben     ribbena
ribbenene  
genitief   ribbens     ribbenets     ribbens     ribbenas
ribbenenes  

Zelfstandig naamwoord

ribben, o

  1. (anatomie) rib
Schrijfwijzen
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • knekke et ribben
een rib breken
  • være så mager at en kan telle ribbena
zo dun zijn dat je de ribben kan tellen