restaurateur

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • res·tau·ra·teur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord restaurateur restaurateurs
verkleinwoord restaurateurtje restaurateurtjes

Zelfstandig naamwoord

restaurateur m [1]

  1. (kunst) (beroep) iemand die kunstwerken restaureert
  2. (beroep) exploitant van een restaurant


Meer informatie

Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal