remdruk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rem·druk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord remdruk remdrukken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

remdruk m [1]

  1. de druk in de leidingen van een hydraulisch remsysteem; de druk die de remschoen uitoefent op de remschijf
    • De eerste Nederlandse uitvaller in de Dakar Rally is een feit. Het is de equipe van de ervaren trucker Martin van den Brink, die maandag in de tweede etappe van de woestijnrally zijn vrachtwagen volledig zag uitbranden. ,,Dit is echt ongelooflijk. De remdruk van de truck viel weg en ineens stond de Renault in lichterlaaie", zei de Harskamper op de website van zijn team Mammoet Rallysport. [2] 
    • Voor de tweede Twentse favoriet voor de eindzege, Gert Huzink, was het bijzonder zuur dat hij al op deze eerste proef moest opgeven. ,,Want ik wilde hier beslist winnen en ging meteen volop van start om iets te laten zien. Dat heb ik dan ook gedaan, maar wel het verkeerde. Bij de vijfde bocht remde ik op de juiste afstand, maar de remdruk was te hoog en de auto blokkeerde meteen. Omdat het een T-splitsing was belandde ik in een sloot. Toen was het einde verhaal. [3] 
    • De problemen met de remmen kunnen ontstaan omdat een onderdeel in het elektronische remsysteem niet sterk genoeg zou zijn. Door haarscheurtjes in het onderdeel zou de remdruk kunnen afnemen. Circa 117.000 van de betrokken voertuigen zijn in Japan verkocht. [4] 
    • Volgens de spoorwegmaatschappij Montreal, Maine & Atlantic Railway had een medewerker volgens protocol vier van de vijf locomotieven uitgezet na het parkeren. Op de één of andere manier is mogelijk ook de vijfde locomotief uitgegaan, die moest blijven draaien om remdruk te houden. [5] 
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Verwijzingen