relaxer
Uiterlijk
- re·laxer
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | relaxer | relaxers |
| verkleinwoord | relaxertje | relaxertjes |
de relaxer m
- (cosmetica) soort crème die je op krullend of kroeshaar smeert om het steil te maken
- ▸ Al als jong meisje ging bij haar de relaxer erin; ze wilde haar kroeshaar stylen.[2]
- (persoon) iemand die zich ontspant
- ▸ Ik werk enorm geconcentreerd, ik zit er altijd voor honderd procent in. Maar ik ben een slecht relaxer, daarom doe ik graag aan sport.[3]
- Het woord relaxer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Weblink bron Janice Deul“Cosmeticabedrijven aangeklaagd om link haarproducten en kanker, toch is #RelaxersAreBack trending” (2 november 2022) op nrc.nl
- ↑
Weblink bron Dimitri Frenkel Frank interview door H.J. Oolbekkink“Gedisciplineerd toneelschrijven”
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Cosmetica in het Nederlands
- Persoon in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal