rekening

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Een rekening.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·ke·ning
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord rekening rekeningen
verkleinwoord rekeningetje rekeningetjes

Zelfstandig naamwoord

rekening v

  1. de optelsom van te betalen bedragen
    Hij kreeg een fikse rekening gepresenteerd.
  2. bankrekening
    ik heb een rekening bij de Postbank
  3. boekhoudkundige staat onderverdeeld in debet en credit
  4. (wiskunde) rekenmethode toegepast voor het oplossen van een klasse van problemen
Anagrammen
Uitdrukkingen en gezegden
  • iets voor zijn rekening nemen
  • rekening houden met
Overerving en ontlening
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Indonesisch

Woordafbreking
  • re·ke·ning
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

rekening

  1. rekening
Synoniemen