reiswagen
Uiterlijk

- reis·wa·gen
- samenstelling van reis en wagen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | reiswagen | reiswagens |
| verkleinwoord | reiswagentje | reiswagentjes |
de reiswagen m
- een rijtuig dat bedoeld is voor lange reizen
- De reiswagen reed door langs rivieren en ravijnen.
- Het woord reiswagen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.