reisorganisatie
Uiterlijk
- reis·or·ga·ni·sa·tie
- Samenstelling van reis en organisatie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | reisorganisatie | reisorganisaties |
| verkleinwoord |
de reisorganisatie v
- een bedrijf of andere organisatie die zich bezig houdt met het organiseren van reizen voor klanten
- De reisorganisatie maakte reclame voor een voordelige groepsreis naar Spanje.
- ▸ Dat komt doordat Schiphol laat met de beperking van het aantal reizigers kwam en de gevolgen voor de vliegmaatschappijen en reisorganisaties nog maar deels bekend zijn. Die hebben dus nog een puzzel op te lossen.[1]
- ▸ Volgens de Algemene Nederlandse Vereniging van Reisondernemingen (ANVR) en reisorganisatie TUI heeft de luchtvaart nauwelijks invloed op de luchtkwaliteit in Den Haag en is een lokaal verbod op fossiele reclames daarom niet zinvol. Ook vonden ze het verbod in strijd met de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van ondernemerschap.[2]
- het organiseren van een reis
- [1] reisonderneming
- Het woord reisorganisatie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Weblink bron “Duidelijkheid over vliegvakantie komt met horten en stoten (en rijkelijk laat)” (24 juni 2022), NU.nl - ↑
Weblink bron “Den Haag krijgt gelijk van de rechter: verbod op fossiele reclames mag” (25 april 2025), NOS