Naar inhoud springen

regelrecht

Uit WikiWoordenboek
  • re·gel·recht
stellend
onverbogen regelrecht
verbogen regelrechte
partitief regelrechts

regelrecht

  1. zonder omwegen, zonder tijd te verspillen
     Kom regelrecht hierheen als dat kan, ons thuis zal jullie thuis kunnen zijn zolang dat nodig is.[3]
     Op zulke dagen kwam ik thuis met een knallende koppijn en vreesde ik dat we regelrecht een mijnenveld in zouden lopen, net zoals twaalf jaar eerder gebeurd was toen ik 740 Park Hamlet in Manhattan op de planken had gebracht.[4]
    • Het aantreden van paus Franciscus maakte dat de congregatie schudde op haar grondvesten. „Kunnen jullie geen biertje met elkaar drinken”, had de nieuwe paus gezegd in reactie op door het hoofd van de congregatie voorgestelde maatregelen tegen een oude theoloog. Binnen de congregatie is sprake van regelrechte haat tegen paus Franciscus en van een antipauslobby, stelt Charamsa. [5] 
    • De manager ging regelrecht op zijn doel af. 
99 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[6]
  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. regelrecht op website: Etymologiebank.nl
  3. Teuntje de Haan
    “Een muur van water” (2018), Em. Querido's Uitgeverij op Wikipedia, ISBN 9789021409375
  4. Johan Harstad
    “Max, Mischa & het Tet-offensief” (2017), Podium (uitgeverij), ISBN 9789057598500
  5. NRC Pierre Valkering 21 december 2016
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be