rechtsgeldig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rechts·gel·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen rechtsgeldig rechtsgeldiger rechtsgeldigst
verbogen rechtsgeldige rechtsgeldigere rechtsgeldigste
partitief rechtsgeldigs rechtsgeldigers -

Bijvoeglijk naamwoord

rechtsgeldig

  1. het geldig zijn volgens het recht geldig, of volgens het recht van kracht zijn.
    • Dat is een rechtsgeldige handeling. 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be