realiseren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·a·li·se·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
realiseren
realiseerde
gerealiseerd
zwak -d volledig

Werkwoord

realiseren

  1. overgankelijk tot werkelijkheid maken
    • Zijn droom werd daarmee eindelijk gerealiseerd. 
  2. overgankelijk (muziek) een toon of serie tonen zo ten gehore brengen als het notenschrift dat voorschrijft
    • Wat de componist hier neergeschreven heeft, valt toch op dit instrument nauwelijks te realiseren! 
  3. wederkerend zich iets ~: bewust zijn van een bepaald feit
    • Hij realiseerde zich niet dat deze weg doodliep. 
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen