puist

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • puist
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord puist puisten
verkleinwoord puistje puistjes

Zelfstandig naamwoord

puist v/m

  1. (medisch) ontsteking van de huid die tot een bobbeltje leidt
Synoniemen
Anagrammen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl