proteste
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| protester |
proteste
- eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van protester
- eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van protester
- tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van protester
| vervoeging van |
|---|
| protestar |
proteste