pronken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pron·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
pronken
pronkte
gepronkt
zwak -t volledig

Werkwoord

pronken

  1. inergatief vertoon maken met mooie dingen
    • De vader pronkte met de resultaten van zijn zoon. 
    • De koning wilde pronken met mooie en bijzondere spullen.[1] 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen