prestootjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pres·to·tjes
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

prestootjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord presto

Gangbaarheid