prestige

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pres·ti·ge
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord prestige prestiges
verkleinwoord prestigetje prestigetjes

Zelfstandig naamwoord

prestige o

  1. een goede naam op grond van echte prestaties en capaciteiten
    Hij had een mooi prestige behaald.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl