plompen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plom·pen
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘met een plomp in het water komen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573 [1]

Zelfstandig naamwoord

plompen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord plomp

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
57 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen