plaspil

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plas·pil
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plaspil plaspillen
verkleinwoord plaspilletje plaspilletjes

Zelfstandig naamwoord

plaspil v/m

  1. (farmacologie) een pil die de productie van urine bevordert
Synoniemen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
84 % van de Vlamingen.

Meer informatie